woensdag, augustus 15, 2012

KEI

Een beetje brakjes ....

De KEI is weer losgebarsten. Met de prachtige ouderwetse K van Kommissie. De KEI heeft elk jaar toch iets vrolijks dat wellicht vergelijkbaar is met Martin Bril’s rokjesdag of met vlaggetjesdag voor de haringliefhebbers. Ik las vanochtend in het Dagblad van het Noorden dat rokjesdag aan betekenis heeft ingeboet omdat de bij rokjesdag horende blote benen in het huidige modebeeld veelal vervangen zijn door kennelijk minder interessante leggings. Ook vlaggetjesdag is niet meer wat het geweest is aangezien er tegenwoordig gedurende het hele jaar prima haring te genieten valt. Niettemin zijn het alle drie evenementen als start van een nieuwe periode. De KEI betekent voor de eerstejaars het duidelijke begin van een nieuwe periode. Een aantal jaren geleden betekende het zelfs de start van een nieuwe studentenvereniging. In augustus 1990 genoot ik van mijn laatste vrije weken voordat op 1 september mijn baan bij de RUG zou beginnen. Kortom, uitslapen nu het nog kon. Op een dag werd ik wakker gebeld door een jongeman die zei op de Grote Markt te staan en mij vroeg waar hij moest zijn. Geen idee waar hij het over had. Wat bleek. Twee vrienden van mij hadden zich in een vlaag van verstandsverduistering opgegeven als KEI-leider, maar ze beschikten geen van beide over een telefoon. Een vaste telefoon, wel te verstaan. Mobiele telefoons bestonden nog niet. De onbekende jongeman belde mij vanuit een telefooncel, een afgesloten hokje in de openbare ruimte van waaruit men in die tijd kon telefoneren. Mijn telefoonnummer bleek zonder mijn medeweten opgegeven te zijn als contact nummer voor KEI-groepje 45. En laat dit nu het KEI groepje geweest zijn dat uit onvrede over het bestaande aanbod en uit afkeer van ontgroeningen een nieuwe studentenvereniging begon. Omdat ik de eerste drs was die ze tegenkwamen heb ik nog een tijdje in de raad van adviseurs mogen zitten, maar veel meer dan een advies of twee heb ik niet hoeven geven. Ik heb er nog wel jarenlang uitnodigingen voor allerlei gebeurtenissen aan over gehouden, waar ik bij hun -volgens mij- tweede lustrum een keer op in ben gegaan. Het was gezellig, enkele van de eerste oprichters waren er ook. Hun naam was overigens al vrij snel veranderd van Club 45 -de KEI groep- in Dizkartes.

Voor veel medewerkers betekent de KEI het signaal voor een nieuwe cyclus. Ook voor hen verandert er elk jaar wel weer wat, en dat is maar goed ook want anders zou het wel een beetje een sleur worden. Elke jaar proberen we het net weer een beetje anders te doen en hopelijk beter. Als dat 'beter doen' planmatig gebeurt dan valt het te zien als onderdeel van de PDCA cyclus van kwaliteitszorg, ook wel de Deming Cycle genoemd naar Dr. W. Edwards Deming. Deze Plan Do Check Act cyclus bevat onder andere een onderdeel waarbij de verbeteringen zeker gesteld moeten worden. 'Securing the improvements!'

Is de vroege KEI -eerder dan voorgaande jaren- ook een verbetering? Als de verwachte griep epidemie inderdaad uitbreekt is dat een goede zaak, omdat de eerstejaars dan weer beter zijn als het collegejaar begint. Maar daarvoor is de vroege KEI natuurlijk niet bedoeld. Over de precieze bedoeling ben ik op dit moment niet zeker. Maar de KEI gaat nu vooraf aan de augustustentamens. Dat is handig omdat ouderejaars die nog tentamens moeten doen ook KEI leider kunnen worden. Volgens mijn FtF theorie zal er dan van de tentamenvoorbereiding weinig terecht komen, omdat de KEI niet alleen 'first' komt, maar ook nog 'fun' is.

Is de mobiele telefoon in alle opzichte een verbetering van de vaste? Is de vroege KEI zo'n verbetering die zekergesteld moet worden?
Het heeft in elk geval nog een ander voordeel. De diverse introductieperiodes worden gespreid, zodat eerstejaars niet volkomen gesloopt aan het studiejaar hoeven te beginnen en mede daardoor niet al direct studievertraging oplopen, die -zoals we weten- nooit meer ingehaald gaat worden.
Studenten en medewerkers, succes in het nieuwe studiejaar! 
In plaats van een brakke start wordt het nu slechts een beetje brakjes.

dinsdag, augustus 14, 2012

Pervers

 Over de perverse definities achter de prestatienormen

De universiteit is nooit dicht. Tussen de afsluiting van het ene academisch jaar en opening van het volgende zit de tijd van het BSA, het Bindend Studie Advies.

Extra belangrijk dit jaar; cohort 2011 is het eerste cohort dat meetelt voor de prestatieafspraken die gemaakt zijn met het ministerie om een zak met geld terug te krijgen die eerst is afgepakt. Dat zou je op zich al enigszins pervers kunnen noemen, maar zo is de politiek. Het College heeft de faculteiten daarom op het hart gedrukt om streng te zijn met het BSA. Om te kijken of we in 2015 die afspraken zijn nagekomen moeten natuurlijk eerst de definities zorgvuldig worden vastgesteld, dat spreekt voor zich. Alhoewel? Laten we er eens naar kijken. Ik pak er eentje uit.

In 2015 moet 70 procent van de studenten, die in september 2011 zijn begonnen, hun bachelor in 4 jaar gehaald hebben. Alle studenten? Nee, alleen van de herinschrijvers. Alle herinschrijvers? Nee, alleen van de herinschrijvers voor dezelfde opleiding. Alle herinschrijvers voor dezelfde opleiding? Nee, alleen de herinschrijvers voor dezelfde opleiding op 1 september van hun 2e jaar. Alle herinschrijvers voor dezelfde opleiding op 1 september van hun 2e jaar? Nee, alleen degenen die volgens de definitie ook tot het startcohort behoren. En dat is lang niet iedereen. Bijna de helft van de studenten die aan een opleiding beginnen zit om de een of andere reden niet in het startcohort.
Kortom, we hebben goede studenten die na een (al dan niet gemeenschappelijke) propedeuse op 1 september switchen van opleiding en hun bachelor in 4 jaar halen (en die dus niet meetellen; geen herinschrijver volgens de definitie) en een vergelijkbare groep, die mogelijkerwijs pas formeel switcht in december van jaar 2 (wel herinschrijvers volgens de definitie en dus wel meetellend). Ook de goede student die op 1 september switcht van Natuurkunde naar Economie en daar in drie jaar de bachelor haalt, kan beter eerst nog even ingeschreven blijven voor Natuurkunde en gewoon al vast Economievakken gaan volgen, want deze student is dan herinschrijver en haalt binnen 4 jaar een bachelor, maakt niet uit welke! Studenten waarvan we verwachten dat ze de bachelor niet in 4 jaar gaan halen (bestuurswerk, bijzondere omstandigheden, topsport, etc) moeten we dus eigenlijk aanraden vooral wel te switchen bij herinschrijving (al is het maar voor 2 maanden).
In het algemeen hebben we dus studenten die meetellen voor de prestatieafspraken, en waar we dus alle middelen op inzetten om ze tijdig over de streep te trekken, en hen die niet meetellen voor de norm. Deze laatste groep interesseert ons ‘prestatienormtechnisch’ geen zier, maar we mogen hopen dat ze net zozeer onze aandacht krijgen.

Er zijn nog meer subtiliteiten, maar daar ga ik nu maar niet verder op in. U heeft de boodschap waarschijnlijk al begrepen. Dit soort regelingen zijn uitlokking tot verkeerde prikkels en in die zin pervers. Als professionals tot dit soort afspraken komen kan er geen sprake zijn van ‘verschoonbare dwaling’. Ik ben een ruimdenkend mens, maar sommige perversiteiten gaan me te ver. Helaas zijn ze daarmee nog niet uitgebannen...